Sector
  • Vmbo onderbouw
  • Havo onderbouw
  • Vwo onderbouw
  • Gymnasium onderbouw
Leerplankundig thema
  • Kennisbasis

Risico's en veiligheid

12-10-2016

De denkwijze risico's en veiligheid laat is op de volgende wijze karakteriseren:

  • In de moderne samenleving worden burgers geconfronteerd met veel risico’s die veelal het gevolg zijn van menselijk ingrijpen in de natuurlijke omgeving, bijvoorbeeld op het gebied van gezondheid, voeding, energievoorziening, nieuwe materialen en communicatie.

  • Door persoonlijk gedrag en door mee te beslissen in democratische processen kunnen mensen invloed hebben op hun veiligheid.

  • Dit vereist enig inzicht in de aard van risico’s en de mogelijke gevolgen. Hiervoor is kennis uit de kennisbasis nodig, zoals herkennen van brandbare en giftige stoffen, blussen van branden, elektrische stroom door het lichaam, de werking van aardschakelaar en zekeringen, de effecten van straling en geluidshinder, krachten bij botsingen in het verkeer, eigenschappen van ziektevirussen en -bacteriën, voedselveiligheid, onderscheiden van ziekten, werking van verslavende middelen, gevolgen van eigen gedrag, erfelijke aanleg, klimaatveranderingen, natuurrampen.

  • Belangrijke kenniselementen op het gebied van risico’s zijn:

    • De grootte van risico’s wordt bepaald door de kans op een schadelijke gebeurtenis en de omvang van de gevolgen.

    • Bij de perceptie van risico’s spelen factoren mee zoals het al dan niet vrijwillig nemen van risico’s, de onzekerheid in kansen, de omvang van de gevolgen, de zichtbaarheid van gevolgen op korte termijn en het idee dat het risico al dan niet beheersbaar is.

  • Bij het leren redeneren over risico’s kunnen de volgende vragen van betekenis zijn:

    • Welke kennis is beschikbaar?

    • Is de bron van deze kennis betrouwbaar? Welke belangen spelen een rol?

    • Is een gerapporteerde correlatie wel gerelateerd aan één oorzaak of zijn andere oorzaken denkbaar?

    • Wat zijn de voordelen van het lopen van bepaalde risico’s? Voor wie?

    • Wat is het doel van beweringen dat risico’s onaanvaardbaar groot, beheersbaar of verwaarloosbaar zijn?

    • Hoe groot is de kans op uiteenlopende gevolgen: milieuschade, ziektegevallen, gewonden en doden?

    • Kunnen de risico’s met voorzorgsmaatregelen worden gecontroleerd, verkleind of vermeden? Zo ja, hoe?

  • Voorbeelden waaraan het leren denken over risico’s kan worden opgehangen:

    • epidemieën en vaccinaties;

    • veiligheid tijdens practica;

    • broeikaseffect;

    • elektriciteit en giftige stoffen in huis;

    • voeding, roken en gezondheid;

    • afvalopslag;

    • medicijngebruik;

    • ioniserende straling in de gezondheidszorg.