Sector
  • Alle onderwijstypen
Vakgebied
  • Algemene natuurwetenschappen
  • Wetenschap en technologie

Duurzame ontwikkeling

4-12-2017

​Onder duurzame ontwikkeling wordt verstaan: 'de ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van de toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen'. Dit is de definitie zoals beschreven in het Common Future report van de VN (1987).

Duurzame ontwikkeling en het onderwijs

Om duurzaamheid te stimuleren speelt onderwijs een belangrijke rol. In alle sectoren is duurzame ontwikkeling beschreven in kerndoelen en eindtermen, in leerplankaders en de kennisbasis.

Primair onderwijs (po/so)

In het natuuronderwijs voor po is aandacht voor duurzaamheid, zowel in de betekenis van het milieu voor de mens als de invloed van de mens op het milieu. Ook dient duurzame ontwikkeling als oplossing voor problemen met natuur en milieu.

Milieu en duurzaamheid zijn terug te vinden in:

  • Het domein Milieu met het kerndoel als onderdeel van het leergebied Oriëntatie op mens en wereld: De wisselwerking van mens – milieu (kerndoel 21)  en Milieugedrag (kerndoel 22). Deze kerndoelen zijn bij de herziening van de kerndoelen in 2006 gereduceerd tot één kerndoel.
  • Bij het leergebied Oriëntatie op jezelf en de wereld: De leerlingen leren met zorg om te gaan met het milieu (kerndoel 39). Voor de onderwijspraktijk zijn uitwerkingen daarvan te vinden op de website TULE inhouden & activiteiten.
  • In het leerplankader voor wetenschap en technologie voor basis- en speciaal onderwijs wordt het begrip duurzaamheid bij de component Kennis genoemd onder Natuur en Mens/Maatschappij. Bij de component Vaardigheden is duurzaamheid is een van de criteria bij de onderliggende vaardigheden reflecteren, waarderen en oordelen.

Voortgezet onderwijs onderbouw (vo)

Een beknopte actuele beschrijving voor vo laat het volgende zien.

  • De kerndoelen 30 en 31 voor onderbouw vo: een onderzoekende houding ten opzichte van de natuur, herkennen van samenhangen en wisselwerkingen, verbinden van theorieën en modellen met praktisch werk en waarneming, bevorderen van duurzaamheid.
  • De recent ontwikkelde kennisbasis voor natuurwetenschappen en technologie heeft duurzaamheid geformuleerd als een denkwijze: wetenschappers en technici denken in termen van duurzaamheid. Daarbij gaat het over ingrijpen in het milieu: zorgen dat er niet meer wordt onttrokken dan het milieu kan aanvullen, de hoeveelheid en soort stoffen die worden toegevoegd zodanig worden beheerst, zodat het milieu deze kan verwerken en dat de effecten van veranderingen worden gecompenseerd. Maar ook het feit dat het milieu veel kan leveren komt aan de orde. Zoals zonne-energie, een groot vermogen tot afbraak door micro-organismen en kringlopen van water. Daarnaast moeten overheden gestimuleerd worden om de beschikbare ruimte duurzaam te beheren, maatregelen te nemen tegen illegale dumping van afval en duurzame energievormen te gebruiken.

Examenprogramma's vmbo

In verschillende examenprogramma's is aandacht voor duurzaamheid.

  • De vmbo examenprogramma's en syllabi voor nask 1 en nask 2 noemen het begrip duurzaamheid en verschillende vaardigheden en begrippen die daarmee samenhangen.
  • Bij biologie ligt het accent meer op vaardigheden en op enkele inzichten uit de ecologie.
  • Het examenprogramma bouw-breed werkt 'milieuzorg/duurzaam bouwen' uit, consumptief-breed en zorg-en-welzijn-breed doen dat met 'milieubewust handelen'.
  • In het examenprogramma voor de sector Groen (landbouw-breed) staat de eindterm 'de begrippen duurzaamheid en kringloop (her)kennen, benoemen en toepassen. … kan de kandidaat bewuste afwegingen maken en relaties leggen tussen milieu, mensen en werkprocessen in arbeid en beroep met het oog op concepten als people, planet en profit'.

Examenprogramma's havo en vwo

De nieuwe examenprogramma's in de tweede fase geven aandacht aan duurzaamheid:

  • In het scheikundeprogramma: redeneren in termen van duurzaamheid (subdomein A14), groene chemie en duurzame productieprocessen (domein F).
  • Bij biologie ligt onder meer een duidelijk verband bij ecologisch redeneren en kringlopen. Het systeemdenken heeft een belangrijke rol in zowel het biologie examenprogramma als bij het leren voor duurzame ontwikkeling.
  • Natuurkunde bevat diverse, meer verspreide, aanknopingspunten naar duurzaamheid.
  • In het examenprogramma aardrijkskunde voor havo/vwo is aandacht voor duurzaamheid (subdomein C2: mondiaal milieuvraagstuk en B2: mondiaal verdelingsvraagstuk; bij economie is aandacht voor het schaarste begrip (B2: concept schaarste).
  • Zeker ook relevant in de examenprogramma's voor havo en vwo is het A-subdomein 'Waarderen en oordelen', met als eindterm: 'De kandidaat kan in contexten een beargumenteerd oordeel geven over een situatie in de natuur of een technische toepassing, en daarin onderscheid maken tussen wetenschappelijke argumenten, normatieve maatschappelijke overwegingen en persoonlijke opvattingen.'
Contactpersoon